Info

Posts uit Karper

Vorige zaterdag en gisteren ben ik naar een ‘gemakkelijk’ watertje in de buurt van Mechelen gaan vissen. De meesten weten wel over welk plasje ik het heb. Het lijkt misschien debiel om op zo’n watertjes te karperen maar je leert er ongelofelijk veel op korte tijd en je kan conclusies trekken. Het oude materiaal, een mat en een schepnet ging mee. De pennetjes van Jacques, een paar dozen mais en wat in Olympic gesoakte pellets in de tas. Stoeltje thuis, ik vis de ganse dag staand. Ik vis daar zo dicht mogelijk tegen de kant aan, zo dicht dat het bij iedere voorbijganger een lach ontlokt. Tweemaal werd ik vorige zaterdag zelfs uitgelachen, eerst door de viswachter en dan door een bejaarde die me vertelde dat ik Daar nooit een zestien kilo vis mee kon vangen… Tjach. Ik weet wel beter, want niemand gebruikt daar deze techniek.
Een pennetje dat één loodhageltje draagt, zinkend uitgelood, slechts tien centimeter onderlijn op de bodem. Haakje 12 met één maiskorreltje. Scherper dan dit kan je niet vissen. Steeds weer sta ik versteld van de voorzichtigheid waarmee de vissen op deze dressuurput het aas behandelen. Geen weglopers of harde tikken. Hoogstens een beetje wegzakken doet het pennetje. Niet aangetikt is vis gemist!
Kort, op zaterdag had ik zeven karpers en een rits brasems. Gisteren had ik er twee, maar verspeelde ik er ook nog drie. Geen monsters want die zwemmen daar niet. Gisteren probeerde ik het nog eens met een bait-band en pellets onder de haak. Om de één of andere staat dit systeem het goed haken in de weg. Het werkt wel maar het haakt niet efficiënt genoeg. Nochtans gaat het pelletje bij de aanslag direct van de haak. Met mais krijg ik ook véél meer actie. En daar is het bij mij om te doen!…

Zaterdag was vliegvisdag op het zoute sop. Marc was onverwacht ziek gevallen en ik besloot om dan maar alleen te vertrekken. Het brakke water van dit meer is kraakhelder en dit is een psychologische drempel van formaat. Niet iedereen is opgewassen tegen het idee dat je nauwelijks een vis ziet zwemmen in dit aquariumwater en dat je de ganse dag stug moet volhouden. Gelukkig heb ik er vroeger redelijk goed gevangen. Het vertrouwen is er nog altijd.
Ik doe verschillende stekken aan maar zie van ‘s morgens tot ‘s avonds geen stoot. Eén kolk in het oppervlak binnen werpafstand doet me er in geloven dat er wel degelijk vis in de buurt rondhangt.

In de vooravond wissel ik van stek, de plek waar ik ooit een fantastische 72 cm forel ving. Ik zie iemand honderd meter verder een dikke vis vangen. Later zie ik de foto’s, 68 cm donkerpaarse regenboog met een haak op de onderkaak en een rij tanden om u tegen te zeggen. Bruut!

Dat geeft hoop. Op het ondiep vissen geeft me geen resultaat en ik schakel over naar een intermediate-lijn en snelzinkende streamers. De bodem schrapen als het ware. Drie worpen op deze diepe stek en ik krijg een aanbeet. Een kleine forel. Maar, de nul is van het bord, altijd goed daar. Wat later krijg ik het erg koud in deze barre noordenwind. Rillend doe ik optimistisch verder, en ik zie plots een beer van forel voorbij zwemmen. Tien minuten later zie ik -ontegensprekelijk- dezelfde vis vanaf een meter of vier verder accelereren naar m’n stil hangende vlieg. Net op het laatste nippertje houd ze in en knalt ze vliegensvlug terug vanwaar ze kwam. Als me dat geen dressuur is. Die kent het klappen van de vliegenhengel!

Ik wissel wat van technieken en een kwartiertje later cirkelen er zelfs drie dikke vissen in het diepe onder m’n subtiel aangeboden vlieg. Héél spannend, maar helaas geen actie meer…
Ik wissel nog eens van stek en krijg direct een hevige por, maar haak de vis niet. Een paar minuten later haak ik er wel één van en de lijn knapt. Mooie vis kwijt. Brute pech, dat was de vis van de dag. Even later terug een hevige ruk aan de lijn, en geen kans om de forel te haken. Dit soort staartbijters ken ik van vroeger. Deze vissen weten wat er kan gebeuren. De volgende keer moet ik wat kleiner vissen, dieper en nog subtieler.
Wat een visserij, en wat een prachtige vissen zwemmen daar nog altijd rond. Ik heb het zo koud dat het tegen schemer voor gezien hou, en met een doos Pringles in de hand en de verwarming op tien rij ik goedgemutst naar huis.

Een bruine jongen in een véél te grote Mercedes wil me van de weg drummen, irriteert me met z’n lichten en de bijna zoenende bumpers. Ik vind niet dat 130 te traag is, en ga dus niet zomaar uit de weg. Ik wens hem van de wereld maar de mooie zonsondergang doet me er aan denken me er zo niet druk in te maken. Ik glimlach. Hij gaat er als een speer vandoor. Ik ben hem direct vergeten. Net tegen de Belgische grens staat dit kereltje stil op de pechstrook, met een hoop politie er rond. Ik glimlach, geniet er van.

Gisterenavond nog een uurtje vissen. Voerstekje met maïs op nog geen 60cm water. Een voorbijzwemmende karper duikt naar beneden op het voer en gaat er voor. Schuimplakkaat en bellen. Ik wrijf in mijn handen en zit het glimlachend aan te zien. een half uur later nog altijd hetzelfde maar nog geen tikje gezien. Ik verander de setup, de helft subtieler dan het al was en met één maiskorreltje ipv twee. Direct loopt het pennetje weg. Oog-opener dus! Ik sla mis. Het gebruis stopt abrupt en het beest is verdwijnt in alle stilte. Nog geen kolk. Het is het weekend van de slimmere vissen.

Een warme zomeravond, twee broden in de tas, licht materiaal.
Prachtige eenvoudige visserij op stromend water.
Met als apotheose een zenuwslopende dril en een leuke karper (op 14/00 nylon) voor Marc…
Genieten. Twee mannen als kinderen langs de rivier.

Gisteren schatte ik het weer verkeerd in. Er was zware wind voorspeld (4 tot misschien wel 6) en omdat het in een spookkasteel niet leuk vissen is gaf ik verstek. De boot bleef op stal en ik zou het in België zoeken.
Het lokale kanaal werd ‘s morgens bestookt met de dropshot en de gekende stekken gaven geen enkele snoekbaars prijs. Dat was al een zeperd en gezien de voorspelde dertig graden ook niet geheel verwonderlijk. Maar, ik was tenminste aan het vissen.
Vorige donderdag had ik tijdens een fietstochtje met Marleen een aantal dertigponders zien bij elkaar liggen op een ander kanaal. Ik besloot daar te gaan wandelen in de hoop om een mooie vis te vinden en met de korst een kans te wagen. Na kilometers stappen had ik alleen een ongeinteresseerde schubkarper gezien, en ik blies dit avontuur af. Volgend plan met het brood. Een klein sluisje op een riviertje, daar moesten toch een paar voorns of een brasem te strikken zijn? Twee uur volgehouden. Niks. Wel grote windes gezien die het brood nog geen blik waardig achtten. Die windes brachten me op een ander idee. Ik reed door tot een ander stuk rivier, en jawel, ze waren er.
Mooie vissen, die de subtiel gestrooide korstjes na een tijd gretig opslurpten. Ik ving een lange kopvoorn en een massieve winde. Twee machtige vissen op ultralicht materiaal, jawel, de dropshothengel van deze morgen! En ik mistte op een haar na nog een leuke spiegelkarper die als een duikbootje door het ondiepe riviertje kruiste.

Een heerlijke tropische namiddag, met een toch nog geslaagde zoektocht. Nadien smaakte de Fanta uit de automaat werkelijk als een Mojito uit de duurste cocktailbar!…

Nog altijd tijdens de gesloten tijd op snoek. En tijdens de renovaties! Ontsnappen aan het witte stof en aan de toenemende drukte der aannemers. Een uurtje vóór en een uurtje in het donker aan het plaatselijk kanaal. Eén doosje mais en de bewaarmat dient als zitje. Ik moet eens op zoek naar zo’n heerlijk ouderwetse Pakaseat. Zou dat nog te vinden zijn?

Een half handje zoete mais op de juiste plek. Het pennetje scherp afgesteld.

Vijftal ‘avondjes’ gevist en daarvan vier keer karper aan de haak gehad. Helaas één en ander verspeeld, dat was niet zo best. Maar wat me opviel is de frequentie waarmee ik beet kreeg. Laat ons zeggen een uur per gehaakte vis… Als je dat calculeert naar het hedendaags boilievissen op dat kanaal… Dat lukt met de boilie niet! Of misschien wél met de boilie, maar niet met die rigs. Time to think!…

Vanmorgen kocht ik bij de bakker een platenbrood. Dat is het zwaarste brood dat je kan kopen, en erg stevig. Je kan er een heel eind mee werpen. Door de verbouwing raakte ik deze namiddag niet weg, we zwoegden in de warmte om één een ander op tijd klaar te krijgen. Na het avondeten kon ik het niet laten, dat brood moest toch ergens toe dienen! Een uurtje vissen voor donker, oké, in de buurt dan maar. Ik vond er een paar onder het samengewaaid stuifmeel en ze accepteerden de gekatapulteerde korstjes prompt. Het eerste wat ik haakte was een peutertje, waarschijnlijk eentje van de nieuwe uitzetting. Toch leuke sport op dit licht materiaal. Ik kreeg bezoek van een ander lid van deze club, en het bleek dat we toch wel wat gemeen hadden. Nice speaking to you, David! Ondertussen haak ik een klein karpertje, maar het bleek verdorie een brasem die aan de oppervlakte aan het azen was! Nog niet eerder meegemaakt… David was er net vandoor toen een vis recht op m’n grote brok brood afstevende. Niet aarzelen, binnen die hap! Toffe dril, nee niet achter dat paaltje door jij. Yep, in het net. Nog een fotootje met de zelfontspanner. Effe uitblazen. Kan net zo goed naar huis want het is bijna donker. Toch nog het brood opgevoerd, ze kunnen er maar van genieten!…
Thuisgekomen herken ik deze vis op foto, ik heb hem in 2009 ook gevangen én ook in het Paasweekend! Zie het artikel Paasvis… Straf, dit is een broodeter!

Ik besef dat ik al een hele tijd niets meer postte. Niet dat ik niet meer vis maar alle aandacht gaat voorlopig naar de renovatie van onze woning. Toen het nog flink koud was en het roofvisseizoen nog open, ging ik wel nog enkele keren terug naar het grote water waar ik al een paar keer met Marc was geweest. Veel volk op het water, maar met de aanstormende gesloten periode is dat ook geen wonder. Het ging vlot, vlotter dan ik gedacht had. Ik amuseerde me te pletter. Met de kleinste maat Culprit en een nieuw modelletje van Art-baits, met die inkepingen erin. Leuk spul. De snoekbaarzen zijn hier gemiddeld niet zo groot maar er is plenty actie. En daar doe ik het voor. Het is gezelligheid troef aan de trailerhelling en iedereen is een grote familie. De één al wat rijker dan de ander, dat valt ook op.

De pogingen die ik op snoekbaars deed aan m’n plaatselijk kanaal bleven dit jaar nog steeds vruchteloos. Niet eenvoudig om hier vis te vinden. Gaandeweg verloor ik m’n greep. Nochtans dacht ik vorig jaar het spelletje door te hebben. Niet dus, het blijven snoekbaarzen…

De laatste dagen voor de sluiting was een sessie gepland op een ander erg groot water, gekend voor z’n monstersnoeken. Jacques zou me twee dagen vergezellen. Het was een gezellige boel en we waren niet gehaast. Jacques is trouwens nooit gehaast. We dachten eerst te trollen maar het aanhoudende goede weer nodigde uit om werpend te vissen met kunstaas. De iPilot trok ons tergend traag over de taluds. Heerlijk. De twee dagen verliepen rustig, het is geen plas met aanhoudende actie. Eén beet zou mooi zijn. En rond twee uur in de middag kijk ik toevallig hoe Jacques z’n shad binnendraait tot net tegen de boot. Een werkelijke mega, maar dan ook echte megasnoek komt traagjes op 20cm achter het aas tot tegen de boot gezwommen. Ergens boven zes meter water. Het duurt maar een seconde voor het beest traag en onverschrokken terug wegdraaid. Een toppredator, die keus genoeg heeft. En het spelletje kent. We zakten in onze stoeltjes van onmacht, terwijl Jacques maar bleef herhalen: ‘Zag je dat nou, zag je Dat nou, ZAG JE DAT NOU!???… Ik had het gelukkig ook gezien. De grootste snoek die ik ooit zag, en stukken groter en vooral dikker dan de 125cm die ik vorig jaar ving. Een moment om nooit te vergeten.
De stek stak in de gps. En met tussenpozen kwamen we die dag nog terug om die paar honderd meter in het vierkant terug uit te kammen met verschillende kunstaasjes. Geen rimpeltje meer. We hadden één kans gehad.

Gesloten tijd in Nederland. Karpertijd in België. Ik vis met het pennetje op een lokaal fort, plezant vissen maar de vissen zijn redelijk klein. Ik denk zelfs dat van het originele bestand niet veel overschiet na de grote sterfte. De uitzetting van kleine karpertjes deed ze waarschijnlijk de das om. Verder vang ik wel erg dikke brasems, met zoete mais. Die zelfs een oude Bruce & Walker IV nog doen plooien! Heerlijk, een uurtje voor donker nog een visje trekken…

Ik zit ook ergens anders een koi achterna, een mooie gouden vis van een kilo of zeven. Hij laat zich maar niet strikken. Argwanend koerst hij onder strategisch aangeboden korstjes, streelt het allemaal met z’n lippen om dan knorrepottend terug te verdwijnen. Hij is héél achterdochtig. En z’n kleine adjudantjes hebben het al meermaals voor me verpest door voor z’n neus de korst weg te halen. Maar m’n kans komt nog wel.

Vorige week ging ik nog eens terug naar de vijver waar ik enkele jaren geleden (na m’n echtscheiding) veel viste, aan m’n appartementje in Mechelen. Een karperput, stijf van de brasems én van dressuur. Wederom deed het lijntje zoete mais z’n werk. Twintig korreltjes mais op een lijntje, niet meer, en pal in het kantje. Vier stekjes, vijf minuten per plekje. 25/00 nylon, ultra-licht pennetje en een hakje voor één maiskorreltje. Aanslaan na de eerste tik. Goed voor drie vissen tot zo’n elf kilo tijdens de middagpauze… Mooi!

Ondertussen is het erg warm geworden, iedereen geniet van de lente en de karpers raken al in voortplantings’mood’. Een plaatselijk kanaal is goed om geregeld actie te krijgen met de korst. Je moet er wel omzichtig vissen, goed presenteren en listig drillen. Gisteren ving ik nog een leuke schub die Marleen op de foto zette. Handig om eens een fotograaf bij je te hebben!…


vertikalend...
rustig aan
lokaal amusement
dressuurvis
bruce & walker
witbrood-eter